Monday, February 18, 2013

Tijd om het begrip solidariteit opnieuw uit te vinden

http://www.demorgen.be/dm/nl/2461/Opinie/article/detail/1579861/2013/02/15/Tijd-om-het-begrip-solidariteit-opnieuw-uit-te-vinden.dhtml?utm_source=facebook&utm_medium=web#.USC-lNIR_5o.facebook

15/02/13
Nu Gent het a-woord heeft afgeschaft, kunnen we het begrip solidariteit heruitvinden. Dat vindt Stijn Oosterlynck, docent stadssociologie aan Centrum OASeS van de Universiteit Antwerpen en lid van de Vooruitgroep.


Superdiversiteit zet de solidariteit in onze samenleving onder druk. We hebben nood aan anders en beter...

De Gentse schepen van Gelijke Kansen Resul Tapmaz kondigde gisteren aan het woord 'allochtoon' te willen schrappen uit het bestuursakkoord. Het verdeelt en dekt al lang de superdiverse lading niet meer. Maar de semantische discussie over het woord 'allochtoon' is maar een begin. Daarna volgt de zoektocht naar een nieuw model van burgerschap. Schepen Tapmaz wil daarvoor focussen op wat inwoners van Gent, ongeacht hun afkomst, gemeenschappelijk hebben. "We delen stad, wijk en straat", zei Tapmaz. Daar zit veel in. Nogal wat recente sociaalwetenschappelijke literatuur over solidariteit in diversiteit denkt ook helemaal die richting uit.

De toenemende diversiteit zet onze klassieke solidariteitsmechanismen onder druk. Solidariteit is in onze samenleving geïnstitutionaliseerd in de welvaartsstaat, waar men via formeel burgerschap toegang toe krijgt. Via de welvaartsstaat koppelen we ons lot aan elkaar en zijn we bereid te delen met wie daar nood aan heeft. Dit solidariteitsmodel blijft essentieel, maar het kraakt vandaag in zijn voegen. De toenemende diversiteit doet heel wat mensen twijfelen over wie tot de gemeenschap behoort waarmee ze solidair zijn. Voor velen is het vandaag niet evident dat al die diverse groepen één gemeenschap vormen.

Gedeelde waarden
Superdiversiteit zet de solidariteit in onze samenleving dus onder druk. Historisch gezien wordt solidariteit op verschillende manieren gegenereerd. In het 'communautaire model' wortelt solidariteit in gedeelde waarden. Het is evident dat iedereen zich moet houden aan de wet, die een aantal gedeelde waarden in onze samenleving verankert. Maar daarbuiten blijkt het erg moeilijk om gedeelde waarden voorbij een aantal algemeenheden te formuleren. Hoe concreter het wordt, hoe meer het de samenleving dikwijls verdeelt eerder dan verenigt. Zie bijvoorbeeld de hoofddoekenkwestie. Het is een erg hoogdrempelig integratiemodel, dat zeker in superdiverse stadswijken weinig perspectief biedt.

In het klassieke 'sociaaldemocratische model' ontstaat solidariteit door de gedeelde strijd van hen die zich tekortgedaan voelen. De strijd voor het verkrijgen van gelijke rechten creëert sociale samenhang binnen de groep. Dit is het model van de arbeidersbeweging. Het genereert krachtige solidariteit, maar sluit onvermijdelijk ook uit. De tegenstander maakt per definitie geen deel uit van de solidariteit. Het zal altijd een belangrijk model blijven, maar is op zichzelf onvoldoende in een superdiverse samenleving.

Tot slot is er het 'liberale model', dat solidariteit ziet als een afgeleide van wederzijdse afhankelijkheid. Iedereen in onze samenleving specialiseert zich in waar hij goed in is en maakt zich dus voor andere behoeften afhankelijk van de goederen en diensten aangeboden door anderen. Ook dit model bewijst vandaag nog zijn nut, maar is onvoldoende. Zo is de bijdrage van heel wat migranten aan onze samenleving onzichtbaar en dikwijls ondergewaardeerd. Het biedt bovendien geen perspectief aan de vele migranten die uitgesloten zijn van onze arbeidsmarkt.

Wonen en werken
Omdat de klassieke modellen van solidariteit niet langer voldoende zijn, hebben we nood aan anders en beter. We moeten solidariteit herdenken in een nieuw ruimtelijk register, dat van de plaats waar we wonen, werken, leren en ontspannen. Plaats brengt mensen van allerlei achtergrond fysiek nabij. Dat alleen levert geen samenleving op, maar het biedt wel de basis voor solidariteit omdat het dikwijls het enige is wat we nog delen in een superdiverse samenleving. Vandaar dat nieuwe vormen van solidariteit vertrekken vanuit het nemen van een gedeelde verantwoordelijkheid voor de plaats waar we gedwongen nabij wonen, werken, leren en ontspannen. Door te focussen op het minimum minimorum dat we delen, houden we de drempel laag. We hoeven vooraf geen waarden en normen te delen, gedeelde sociaaleconomische belangen te verdedigen of afhankelijk te zijn van elkaar.

Voetballen op straat
Het voorbeeld van Bob uit de diverse Antwerpse wijk Dam illustreert dit. Het irriteerde Bob dat jongens uit de buurt op straat voetbalden. Dit soort alledaagse ergernissen over het delen van woonruimte escaleert heel snel. Niet deze keer. Ondersteund door het project Buurtschatten van Samenlevingsopbouw trad Bob in contact met de jongens. Ze kwamen overeen om samen naar de lokale overheid te stappen met de vraag een braakliggende lapje grond in de buurt beschikbaar te maken voor de voetballende jongeren. De overheid stemde toe.

Het is een mooi voorbeeld van hoe het nemen van een gedeelde verantwoordelijkheid voor de woonplaats tot nieuwe vormen van solidariteit in diversiteit kan leiden. Hier was geen hooggestemd debat over gedeelde waarden en normen voor nodig, enkel de wil om te erkennen dat men door het nemen van een gedeelde verantwoordelijkheid al een heel eind verder komt. Het is in dit soort alledaagse praktijken dat nieuwe vormen van solidariteit in diversiteit schuilen en we een nieuw, laagdrempelig model van burgerschap kunnen vinden.

Stijn Oosterlynck

0 comments:

Post a Comment