Nieuws uit het Nieuwsblad.be
SOCIOLOGEN UGENT ONDERZOEKEN GENTSE MIGRATIESTROMEN
VRIJDAG 16 NOVEMBER 2012, AUTEUR: MARIEKE VAN PEE
Koen Van der Bracht (van links naar rechts), Pieter-Paul Verhaeghe en Bart Van de Putte: ‘Steeds meer migranten kunnen het nu financieel aan om te verhuizen van bijvoorbeeld de Blaisantvest of Heernis naar Oostakker of Wondelgem.'
GENT - Turkse en Marokkaanse Gentenaars trouwen minder vaak met mensen uit hun thuisland en ze wonen steeds liever buiten het stadscentrum. Dat blijkt uit het boek ‘Migrant zkt toekomst' dat drie onderzoekers van de UGent schreven.
De concentratiewijken in Gent zijn op hun retour. Buurten zoals de Blaisantvest of Ham, waar vroeger bijna 50 procent migranten woonden, zien die steeds vaker vertrekken. Want veel gezinnen uit de Turkse en Marokkaanse middenklasse verkiezen de gemeenten Oostakker, Sint-Amandsberg, Gentbrugge of Wondelgem boven het stadscentrum. ‘Hun financiële situatie laat dat nu toe', zegt onderzoeker Pieter-Paul Verhaeghe, die samen met zijn collega's Koen Van der Bracht en Bart Van de Putte van de faculteit Sociologie het boek Migrant zkt Toekomst schreef, over 50 jaar migratie in Gent.
De Turkse en Marokkaanse migranten wonen nu tussen de Gentenaars en er is interactie tussen beide groepen. Dat is vaak nog niet het geval met de ‘nieuwe' migranten, die vaak uit Oost-Europa afkomstig zijn. Maar ook de ‘oudere' migranten hebben er een tijd over gedaan om te komen tot de situatie van vandaag.
‘Tot 1974 woonden er maar een paar Turken en Marokkanen in een aantal straten. Die migranten waren een curiosum en bij de Gentenaars leefden er geen anti-gevoelens tegenover hen. Dat is veranderd na de arbeidsmigratiestop in 1974. De arbeidsmigratie werd vervangen door huwelijks- en gezinsmigratie. Die migranten waren vaak economisch achtergesteld.'
Als reactie op die economische malaise startten de migranten hun eigen economie, met eigen winkels en restaurants. Tussen de migranten en de Gentenaars was er weinig interactie.
‘Vanaf eind de jaren 90 veranderde dat. Belgische Gentenaars begonnen ook inkopen te doen bij Turkse winkels en er kwam meer interactie tussen beide groepen. Bepaalde kleine zelfstandigen begonnen zich op te werken, waardoor er een middenklasse ontstond. Als gevolg daarvan nemen de immigratiehuwelijken af. In 2001 trouwde nog 72 procent van de Gentse Turken met iemand die nog in het land van herkomst woonde. In 2008 was dat nog 49 procent. En steeds meer gezinnen verhuizen naar de stadsrand.'
Terwijl de oude migranten meer en meer tussen de Belgische Gentenaars wonen in plaats van er naast, heeft Gent er een nieuwe groep migranten bij gekregen, voornamelijk afkomstig uit Midden en Oost-Europa. Daarom stellen de onderzoekers dat Gent zich op een kantelmoment bevindt. ‘Die nieuwe migranten zijn vooral Polen, Slowaken en Bulgaren. De Polen zijn hier voornamelijk om economische redenen, het merendeel is dan ook actief op de arbeidsmarkt. Ze blijven meestal ook niet zo lang.' De Slowaken en Bulgaren zijn een ander verhaal. ‘Onder hen zijn veel Roma. Zij komen vaak naar hier omdat ze in hun thuisland gediscrimineerd worden. De werkloosheid bij die groepen is hoog en als ze wel werken, worden ze vaak uitgebuit.'
Toch stellen de onderzoekers het beeld bij van ‘Gent als het Bulgarije aan de Leie', met jaar na jaar duizenden Bulgaren die naar hier komen. ‘In totaal zijn er een goede 8.000 Bulgaren in Gent. En in tegenstelling tot de Slowaken hebben zij vaak wel eigen winkels en restaurants. Maar beide groepen worden vaak gestigmatiseerd. Gent heeft zijn nieuwe stroppendragers gevonden. De stigmatisering van die groepen moet worden aangepakt, want anders dreigt de marginalisatie', besluiten de onderzoekers.




0 comments:
Post a Comment